JAARREKENING 2017

Geconsolideerde balans per 31 december 2017 (voor winstbestemming)

Bedragen x 1.000 euro

ACTIVA   31-12-2017   31-12-2016
Vaste activa        
Immateriële vaste activa (1) 1 871   571  
Materiële vaste activa (2) 157 296   148 556  
Financiële vaste activa (3) 21 318   20 474  
    180 485   169 601
         
Vlottende activa        
Voorraden (4) 880   919  
Vorderingen (5) 11 690   13 251  
Liquide middelen (6) 876   482  
    13 446   14 652
         
Totaal Activa   193 931   184 253

PASSIVA   31-12-2017   31-12-2016
Eigen vermogen (7)        
Gestort en opgevraagd kapitaal 141   141  
Agio 6 305   6 305  
Overige reserves 64 918   61 102  
Resultaat verslagjaar 2 145   3 816  
    73 509   71 364
         
Bijdragen van derden (8)   26 366   23 741
         
Voorzieningen (9)   6 243   7 160
         
Langlopende leningen (10)   60 000   42 500
         
Kortlopende schulden        
Schulden aan kredietinstellingen (11) 2 619   13 743  
Overige kortlopende schulden (12) 25 194   25 745  
    27 813   39 488
         
Totaal Passiva   193 931   184 253

Geconsolideerde winst- en verliesrekening over 2017

Bedragen x 1.000 euro

    2017   2016
Netto omzet (13)   45 319   44 861
Baten uit bijdragen van derden (14) 1 415   1 196  
Overige bedrijfsopbrengsten (15) 8 487   6 750  
    9 902   7 946
         
SOM DER BEDRIJFSOPBRENGSTEN   55 221   52 807
         
Waterinkopen, energie, chemicaliën 3 832   3 708  
Kosten uitbesteed werk (16) 14 223   12 544  
Salarissen en sociale lasten (17) 14 636   14 528  
Afschrijvingen immateriële vaste activa 110   395  
Afschrijvingen materiële vaste activa 9 354   9 882  
Belastingen, heffingen en verzekeringen (18) 976   971  
Overige bedrijfskosten (19) 5 571   5 581  
         
SOM DER BEDRIJFSLASTEN   48 702   47 609
         
BEDRIJFSRESULTAAT   6 519   5 198
         
Rentebaten (20) 42   40  
Rentelasten (20) ‑2 233   ‑2 257  
    ‑2 191   ‑2 217
         
Resultaat uit deelnemingen (21)   ‑2 086   850
         
RESULTAAT VOOR BELASTING   2 242   3 831
         
Winstbelasting   ‑97   ‑15
         
RESULTAAT   2 145   3 816

Geconsolideerd kasstroomoverzicht over 2017

Bedragen x 1.000 euro

    2017   2016
Bedrijfsresultaat 6 519   5 198  
         
Afschrijvingen 9 464   10 277  
Amortisatie bijdragen van derden ‑1 415   ‑1 196  
Mutatie voorzieningen ‑917   ‑125  
Mutatie werkkapitaal *) en **) ‑55   2 921  
         
Financiële baten en lasten ‑2 191   ‑2 218  
         
         
KASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN   11 405   14 857
         
Investeringen in im-/materiële vaste activa**) ‑18 089   ‑17 454  
Desinvesteringen materiële activa 28   11  
Kapitaalstorting in deelnemingen ‑3 000   ‑3 000  
Verstrekte leningen deelnemingen 70   ‑700  
Ontvangsten uitgifte aandelen 0   0  
         
KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN   ‑20 991   ‑21 143
         
         
Ontvangsten bijdragen van derden**) 3 604   1 018  
Langlopende leningen 20 000   0  
Aflossing langlopende lening ‑2 500   ‑2 500  
         
KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN   21 104   ‑1 482
         
MUTATIE GELDMIDDELEN   11 518   ‑7 768
         
         
GELDMIDDELEN PER 31 DECEMBER:        
Liquide middelen 876   482  
Kortlopend bankkrediet ‑119   ‑11 243  
    757   ‑10 761
         
GELDMIDDELEN PER 1 JANUARI:        
Liquide middelen 482   948  
Kortlopend bankkrediet ‑11 243   ‑3 941  
    ‑10 761   ‑2 993
         
MUTATIE GELDMIDDELEN   11 518   ‑7 768

*) Voorraden en vorderingen onder aftrek van overige kortlopende schulden en kortlopende aflossingsverplichtingen.

**) Ten opzichte van de balansmutatie gecorrigeerd voor non cash items.

Algemene toelichting en grondslagen van waardering en resultaatbepaling

Algemeen

N.V. Waterbedrijf Groningen levert drinkwater in de provincie Groningen en aan het Drentse Eelde en Paterswolde. Hiervoor gebruikt ze grond- en oppervlaktewater.

N.V. Waterbedrijf Groningen is een naamloze vennootschap naar Nederlands recht, statutair gevestigd in Nederland te Groningen, Griffeweg 99. De naamloze vennootschap is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 02008621. De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van titel 9 BW 2 en de in Nederland algemeen geldende grondslagen voor financiële verslaggeving. De jaarrekening is opgemaakt d.d. 11 juni 2018.

Voor zover niet anders vermeld zijn de bedragen verantwoord in duizenden euro’s (functionele valuta). Bij het opstellen van de jaarrekening is uitgegaan van de continuïteitsveronderstelling.

Oordelen en schattingen

Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat de directie van N.V. Waterbedrijf Groningen zich over verschillende zaken een oordeel vormt, en dat de directie schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in art. 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten.

Grondslagen voor consolidatie

Consolidatie
Geconsolideerd worden die ondernemingen waarin N.V. Waterbedrijf Groningen rechtstreeks of middellijk voor 50% of meer deelneemt in het geplaatste kapitaal en waar N.V. Waterbedrijf Groningen overheersende zeggenschap kan uitoefenen op het zakelijk en financieel beleid. Hierbij worden mede in aanmerking genomen de financiële instrumenten die potentiële stemrechten bevatten en direct kunnen worden uitgeoefend. Deelnemingen in joint ventures worden, gezien het ontbreken van overwegende zeggenschap, niet mee geconsolideerd. Ten aanzien van Waterlaboratorium Noord B.V., WarmteStad B.V. en North Water B.V. is geen sprake van overheersende zeggenschap, daarom zijn deze deelnemingen niet in de consolidatie betrokken.

Geconsolideerde maatschappijen
N.V. Waterbedrijf Groningen staat aan het hoofd van de groep. De geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde financiële positie, resultaten en kasstromen 2017 van N.V. Waterbedrijf Groningen, SamenWater B.V en Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V.

SamenWater B.V. heeft als vestigingsplaats Groningen en heeft als belangrijkste activiteit het verrichten van activiteiten met enige relatie tot industrie- en proceswater, in de ruimste zin des woords. SamenWater B.V. heeft gedurende het boekjaar geen werknemers in dienst.

Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. heeft als vestigingsplaats Groningen en heeft als belangrijkste activiteit het verzorgen, ontwikkelen en uitvoeren van activiteiten in relatie tot energie en water, alsmede het verrichten van al hetgeen met vorenstaande verband houdt of daartoe in de ruimste zin bevorderlijk kan zijn. Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. heeft gedurende het boekjaar geen werknemers in dienst.

De financiële gegevens van de geconsolideerde deelnemingen zijn integraal in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen. Intercompany-transacties, intercompany-winsten en onderlinge vorderingen en schulden tussen groepsmaatschappijen worden geëlimineerd.

Niet geconsolideerde maatschappijen en kapitaalbelangen
Voor een overzicht van de niet geconsolideerde maatschappijen en kapitaalbelangen wordt verwezen naar de toelichting van de financiële vaste activa.

N.V. Waterbedrijf Groningen heeft geen aansprakelijkheidsstellingen overeenkomstig artikel 2:403 BW afgegeven.

Salderen

Een actief en een post van het vreemd vermogen worden gesaldeerd in de jaarrekening opgenomen uitsluitend indien en voor zover:

  • een deugdelijk juridisch instrument beschikbaar is om het actief en de post van het vreemd vermogen gesaldeerd en simultaan af te wikkelen; en
  • het stellige voornemen bestaat om het saldo als zodanig of beide posten simultaan af te wikkelen.

Vergelijkende cijfers

Teneinde het inzicht in de totstandkoming van het resultaat te vergroten zijn posten, verantwoord in de winst-en-verliesrekening, waar nodig geherrubriceerd. Vergelijkende cijfers zijn dienovereenkomstig aangepast.

Grondslagen voor waardering van activa en passiva

Algemeen

Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de onderneming zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Voor zover niet anders vermeld worden de activa en de passiva opgenomen tegen nominale waarde.

Financiële instrumenten

Algemeen
Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten zoals vorderingen, effecten en schulden, als financiële derivaten verstaan.

Alle aan- en verkopen volgens standaard markconventies van financiële activa worden opgenomen per transactiedatum, dat wil zeggen de datum waarop de groep de bindende overeenkomst aangaat.

De primaire financiële instrumenten van N.V. Waterbedrijf Groningen dienen ter financiering van de operationele activiteiten van de onderneming of vloeien direct uit deze activiteiten voort. Het beleid van N.V. Waterbedrijf Groningen is om niet te handelen in financiële instrumenten. Voor de grondslagen van de primaire financiële instrumenten wordt verwezen naar de behandeling per balanspost.

Reële waarde van financiële instrumenten
De reële waarde van de financiële instrumenten die op actieve markten worden verhandeld per de verslagdatum, wordt bepaald op basis van genoteerde beurskoersen, zonder aftrek van transactiekosten. Voor financiële instrumenten die niet op een actieve markt worden verhandeld, wordt de reële waarde bepaald met passende waarderingsmethoden. 

In de balans opgenomen financiële instrumenten zijn gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs, normaal gesproken de nominale waarde, tenzij anders vermeld. Belangrijke afwijkingen tussen nominale waarde en reële waarde worden per post toegelicht.

Derivaten
N.V. Waterbedrijf Groningen maakt gebruik van afgeleide financiële instrumenten ter afdekking van de gelopen risico’s betreffende de renteschommelingen.

Een in een contract besloten derivaat (‘embedded derivative’) wordt afgescheiden van het basiscontract indien aan onderstaande voorwaarden is voldaan:

  • er bestaat geen nauw verband tussen de economische kenmerken en risico’s van het in het contract besloten derivaat en de economische kenmerken en risico’s van het basiscontract;
  • een afzonderlijk instrument met dezelfde voorwaarden als het in het contract besloten derivaat zou voldoen aan de definitie van een derivaat; en
  • het samengestelde instrument wordt niet tegen reële waarde gewaardeerd met verwerking van de reële waardeveranderingen in het resultaat.

Op basis van deze voorwaarden is geen sprake van in contracten besloten derivaten die afgescheiden dienen te worden van het betreffende basiscontract. Tevens is geen sprake van andersoortige derivaten. Op het moment van de eerste verantwoording worden derivaten onder de reikwijdte van RJ 290 gerubriceerd en gewaardeerd.

Immateriële vaste activa

Een immaterieel vast actief wordt in de balans opgenomen als:

  • het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen die een actief in zich bergt, zullen toekomen aan de groep; en
  • de kosten van het actief betrouwbaar kunnen worden vastgesteld.

Uitgaven inzake een immaterieel vast actief die niet aan de voorwaarden voor activering voldoen worden rechtstreeks in de winst- en verliesrekening verantwoord.

De immateriële vaste activa die zijn verkregen bij de acquisitie van een groepsmaatschappij worden tegen de reële waarde op het verkrijgingsmoment opgenomen.

De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs of vervaardigingsprijs verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing cumulatieve bijzondere waardeverminderingsverliezen.

Het afschrijven van de immateriële vaste activa geschiedt stelselmatig op basis van de geschatte economische levensduur met een maximum van twintig jaar. De economische levensduur en afschrijvingsmethode worden aan het einde van ieder boekjaar opnieuw beoordeeld. Indien de geschatte economische levensduur langer is dan twintig jaar zal, vanaf het moment van verwerking aan het einde van elk boekjaar, een bijzondere waardeverminderingstest worden uitgevoerd.

Materiële vaste activa

De materiële vaste activa in eigen gebruik worden gewaardeerd tegen de kostprijs (verkrijgingsprijs of vervaardigingsprijs), minus eventuele investeringssubsidies, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing cumulatieve bijzondere waardeverminderingsverliezen. In de verkrijgings- of vervaardigingsprijs zijn de door het eigen personeel bestede en in geld gewaardeerde arbeidsuren opgenomen. Er zijn geen rentekosten in de tegen de vervaardigingsprijs gewaardeerde materiële vaste activa opgenomen.

Indien de verwachting omtrent de afschrijvingsmethode, gebruiksduur en/of restwaarde in de loop van de tijd wijzigingen ondergaat, worden zij als een schattingswijziging verantwoord.

Ten aanzien van kosten van groot onderhoud is een voorziening opgenomen. Zodra deze kosten zich voordoen, worden deze aan de getroffen voorziening onttrokken. Alle overige onderhoudskosten worden direct in de winst- en verliesrekening verwerkt.

Indien voor een materieel vast actief sprake is van kosten die samenhangen met verplichtingen inzake ontmanteling en verwijdering van het actief en het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt en deze verplichting wordt veroorzaakt door het neerzetten van het actief, worden deze kosten van herstel opgenomen als onderdeel van de boekwaarde van het actief, en gelijktijdig wordt een voorziening opgenomen voor hetzelfde bedrag.

Buiten gebruik gestelde materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de kostprijs dan wel de lagere opbrengstwaarde.

Een materieel vast actief wordt niet langer in de balans opgenomen na vervreemding of wanneer geen toekomstige prestatie-eenheden van het gebruik of de vervreemding worden verwacht. De bate of last die voortvloeit uit de desinvestering wordt in de winst- en verliesrekening verwerkt.

Financiële vaste activa

Deelnemingen waar N.V. Waterbedrijf Groningen invloed van betekenis uit kan oefenen op het financiële en zakelijke beleid, worden gewaardeerd tegen netto vermogenswaarde. Overige deelnemingen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien sprake is van een duurzame waardevermindering vindt waardering plaats tegen deze lagere waarde; afwaardering vindt plaats ten laste van de winst- en verliesrekening. De onder de post financiële vaste activa opgenomen vorderingen op niet-groepsmaatschappijen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, onder aftrek van een voorziening wegens oninbaarheid.

Indien de waarde van de deelneming volgens de vermogensmutatiemethode nihil is geworden, wordt deze methode niet langer toegepast en blijft de deelneming bij ongewijzigde omstandigheden op nihil gewaardeerd. Hierbij worden andere belangen in de deelneming die feitelijk worden aangemerkt als een onderdeel van de netto-investering, ook meegenomen. Indien en voor zover geheel of ten dele voor de schulden van de deelneming wordt ingestaan respectievelijk een feitelijke verplichting bestaat de deelneming tot betaling van haar schulden in staat te stellen, wordt een voorziening opgenomen.

Voorraden

De voorraden zijn gewaardeerd tegen inkoopprijs en zo nodig afgewaardeerd naar lagere opbrengstwaarde onder aftrek van een voorziening voor incourantheid.

Vlottende vorderingen

De verstrekte leningen en overige vorderingen die geen onderdeel zijn van de handelsportefeuille, worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de nominale waarde onder aftrek van een voorziening voor oninbaarheid.

Liquide middelen

Onder liquide middelen worden verstaan kasmiddelen, de tegoeden op bankrekeningen en wissels en cheques. Deposito’s worden onder liquide middelen opgenomen indien zij in feite -zij het eventueel met opoffering van rentebaten- ter onmiddellijke beschikking staan. Liquide middelen die (naar verwachting) langer dan twaalf maanden niet ter beschikking staan van de groep, worden als financiële vaste activa gerubriceerd.

Classificatie eigen vermogen en vreemd vermogen

Een financieel instrument of de afzonderlijke componenten van het instrument worden in de geconsolideerde jaarrekening als vreemd vermogen of als eigen vermogen geclassificeerd overeenkomstig de economische realiteit van de contractuele overeenkomst waaruit het financieel instrument voortvloeit. In de enkelvoudige jaarrekening wordt een financieel instrument geclassificeerd overeenkomstig de juridische realiteit. Rente, dividenden, baten en lasten met betrekking tot een (deel van een) financieel instrument worden in de jaarrekening opgenomen afhankelijk van de classificatie van het financieel instrument als financiële verplichting respectievelijk als eigen-vermogensinstrument.

Bijdragen van derden

De bijdragen van derden worden gewaardeerd tegen de nominaal van derden ontvangen bijdragen in de aanleg van hoofd- en aansluitingleidingen verminderd met de amortisaties. De amortisatie van deze bijdragen vindt plaats in 30 respectievelijk 20 jaar, conform de afschrijvingstermijn van de investeringen in hoofd- en aansluitleidingen. Amortisatie start in het jaar van ingebruikname van de bijbehorende leiding. De jaarlijkse amortisatie wordt verantwoord onder de overige opbrengsten.

Voorzieningen

Een voorziening wordt gevormd indien de groep op balansdatum een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft waarvan het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang betrouwbaar is te schatten. De omvang van de voorziening wordt bepaald door de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichtingen en verliezen per balansdatum af te wikkelen. De voorziening uitgestelde beloningen personeel is gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige betalingsverplichtingen, waarbij rekening is gehouden met de verwachte salarisstijgingen en tussentijdse uitstroom uit de organisatie. Tenzij anders vermeld, worden de overige voorzieningen gewaardeerd tegen nominale waarde.

Indien het waarschijnlijk is dat voor uitgaven die noodzakelijk zijn om een voorziening af te wikkelen een vergoeding van een derde zal worden ontvangen, wordt deze vergoeding gepresenteerd als een afzonderlijk actief.

Langlopende schulden

Dit zijn de schulden met een resterende looptijd van meer dan één jaar en zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. De aflossingsverplichtingen voor het komende boekjaar op langlopende leningen zijn gepresenteerd onder de kortlopende schulden aan kredietinstellingen.

Kortlopende schulden

Dit zijn de schulden met een resterende looptijd van minder dan één jaar en zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Niet langer in de balans opnemen van financiële activa en verplichtingen

Een financieel instrument wordt niet langer in de balans opgenomen indien een transactie er toe leidt dat alle of nagenoeg alle rechten op economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot de positie aan een derde zijn overgedragen.

Leasing

De beoordeling of een overeenkomst een lease bevat, vindt plaats op grond van de economische realiteit op het tijdstip van het aangaan van het contract. Het contract wordt aangemerkt als een leaseovereenkomst als de nakoming van de overeenkomst afhankelijk is van het gebruik van een specifiek actief of de overeenkomst het recht van het gebruik van een specifiek actief omvat.

In geval van operationele leasing worden de leasebetalingen lineair over de leaseperiode ten laste van de winst- en verliesrekening gebracht.

Grondslagen voor resultaatbepaling

Algemeen

Verantwoording van opbrengsten en kosten vindt plaats op het tijdstip waarop de desbetreffende leveringen plaatsvinden of diensten worden verricht. (Voorzienbare) verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het boekjaar worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden en overigens wordt voldaan aan de voorwaarden voor het opnemen van voorzieningen.

Netto omzet

De omzet omvat het vastrecht en het gefactureerde waterverbruik en de gefactureerde warmtelevering. Voor het bemeterde klein­verbruik en het capaciteitsverbruik omvat het waterverbruik het verbruik tot aan de laatste op­namedatum van de watermeters. Indien geen opname gegevens zijn verkregen is op basis van een schatting van het waterverbruik over het boekjaar afgerekend. Eventuele verschillen tussen de schatting en werkelijk verbruik worden verantwoord in het jaar dat het werkelijke waterverbruik op basis van verkregen meterstanden worden afgerekend.

Dividend

Dividenden, verkregen van deelnemingen die tegen verkrijgingsprijs worden gewaardeerd, worden in de winst- en verliesrekening verwerkt indien N.V. Waterbedrijf Groningen daarop recht heeft verkregen en hun ontvangst waarschijnlijk is.

Exploitatiesubsidies

Exploitatiesubsidies worden ten gunste van de winst- en verliesrekening gebracht in het jaar ten laste waarvan de gesubsidieerde uitgaven komen, waarin de opbrengsten zijn gederfd dan wel waarin het exploitatietekort zich heeft voorgedaan.

Kosten

De kosten worden bepaald met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde grondslagen van waardering en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben.

Geactiveerde bedrijfslasten

Onder de geactiveerde bedrijfslasten zijn de personeelskosten opgenomen ten dienste van de vervaardiging van materiële vaste activa.

Pensioenen

N.V. Waterbedrijf Groningen heeft de pensioenen voor haar medewerkers ondergebracht bij het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Aan het personeel is een pensioen toegezegd op basis van een middelloonregeling. De betaalde premies worden als salariskosten in de resultatenrekening verantwoord. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen.

Afschrijvingen

De afschrijvingstermijnen van de materiële vaste activa zijn gebaseerd op de verwachte economische levensduur, waarbij de activa lineair worden afschreven rekening houdende met een restwaarde.

Rente

Renteopbrengsten worden tijdsevenredig in de winst- en verliesrekening verwerkt rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende actiefpost, indien hun bedrag bepaalbaar is en hun ontvangst waarschijnlijk. Periodieke rentelasten en soortgelijke lasten komen ten laste van het jaar waarover zij verschuldigd worden.

Vennootschapsbelasting

Sinds 1 januari 2016 zijn N.V. Waterbedrijf Groningen en SamenWater B.V. onderworpen aan de heffing van vennootschapsbelasting op grond van de Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen. De heffing van vennootschapsbelasting geldt alleen voor de niet-wettelijke activiteiten.

N.V. Waterbedrijf Groningen maakt samen met SamenWater B.V. sinds 1 januari 2016 deel uit van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. N.V. Waterbedrijf Groningen draagt de gehele acute vennootschapsbelasting (RJ 272.803-d). Daarnaast neemt N.V. Waterbedrijf Groningen zowel de eigen latente belastingposities als de eventueel aanwezige latente belastingposities van SamenWater B.V. op in de jaarrekening (RJ 272.806-a).

De vennootschapsbelasting wordt berekend tegen het geldende tarief over het resultaat van het boekjaar, waarbij rekening wordt gehouden met permanente verschillen tussen de winstberekening volgens de jaarrekening en de fiscale winstberekening, en waarbij actieve belastinglatenties (indien van toepassing) slechts worden gewaardeerd voor zover de realisatie daarvan waarschijnlijk is. Opgemerkt zij dat onderdelen van de implementatie van de vennootschapsbelastingplicht bij N.V. Waterbedrijf Groningen en SamenWater B.V. nog onderwerp zijn van overleg met de Belastingdienst. Naar verwachting zal het overleg met de Belastingdienst in 2018 worden afgerond.

Grondslagen voor het kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode.

De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen en het kortlopend bankkrediet.

Kasstromen in vreemde valuta zijn omgerekend tegen een geschatte gemiddelde koers. Koersverschillen inzake geldmiddelen worden afzonderlijk in het kasstroomoverzicht getoond.

Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest, ontvangen dividenden en winstbelastingen zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Betaalde dividenden zijn opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten.

De verkrijgingsprijs van verworven groepsmaatschappijen en de verkoopprijs van verkochte groepsmaatschappijen worden opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geld heeft plaatsgevonden. De in deze groepsmaatschappijen aanwezige geldmiddelen zijn op de aankoopprijs respectievelijk de verkoopprijs in aftrek gebracht.

Transacties waarbij geen ruil van kasmiddelen plaatsvindt worden niet in het kasstroomoverzicht opgenomen.

Toelichting op de geconsolideerde balans

Alle bedragen in deze paragraaf luiden in duizenden euro’s, tenzij anders aangegeven.


1. Immateriële vaste activa

De immateriële vaste activa betreft kantoorsoftware. De economische levensduur van de kantoorsoftware bedraagt 5 jaar en wordt lineair afgeschreven. De afschrijvingskosten zijn in de winst- en verliesrekening als onderdeel van de post Afschrijvingen.

De immateriële vaste activa kent het volgende verloop:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Boekwaarde per 1 januari 571 386
Investeringen 1 410 580
Afschrijvingen 110 395
Boekwaarde per 31 december 1 871 571
     
Cum. afschrijvingen 1 januari 4 641 4 246
Afschrijvingen 110 395
Cumulatieve afschrijvingen 31 december 4 751 4 641
     
Aanschafwaarde per 1 januari 5 212 4 632
Investeringen 1 410 580
Aanschafwaarde per 31 december 6 622 5 212

2. Materiële vaste activa

De economische levensduur in jaren voor de belangrijkste categorieën zijn als volgt vastgesteld: bedrijfsgebouwen en hoofdleidingen 30 jaar; waterwinputten, aansluitleidingen, machines en installaties 20 jaar; telecommunicatie 15 jaar en overige 5 - 10 jaar. Voor alle categorieën geldt dat liniair wordt afgeschreven. Op terreinen wordt niet afgeschreven. De terreinen in de waterwingebieden aangeschaft voor 1997 zijn vermeld onder “Bedrijfsgebouwen en terreinen” en worden gewaardeerd tegen lagere bedrijfswaarde.

De samenstelling en het verloop van de materiële vaste activa in het verslagjaar, onderverdeeld naar categorie, is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  Bedrijfs- gebouwen, en terreinen Installaties productie Distributie- leidingen, installaties Overige duurzame activa Werken in uitvoering Totaal
             
Boekwaarde per 1 januari 29 438 30 922 70 357 2 217 15 622 148 556
Investeringen 43 4 159 8 855 682 4 382 18 122
Desinvesteringen 0 0 0 ‑28 0 ‑28
Afschrijvingen 1 393 2 478 4 897 664 0 9 432
Bijzondere waardeverminderingen ‑78 0 0 0 0 ‑78
Boekwaarde per 31 december 28 166 32 603 74 315 2 207 20 004 157 296
             
Cum. afschrijvingen 1 januari (*) 26 503 27 188 137 937 3 105 0 194 733
Afschrijvingen 1 393 2 478 4 897 664 0 9 432
Bijzondere waardeverminderingen ‑78 0 0 0 0 ‑78
Uit bedrijf genomen activa ‑166 ‑1 280 ‑421 ‑355 0 ‑2 222
Cum. afschrijvingen 31 december 27 652 28 386 142 413 3 414 0 201 865
             
Aanschafwaarde per 1 januari 55 941 58 110 208 294 5 322 15 622 343 289
Investeringen 43 4 159 8 855 682 4 382 18 122
Desinvesteringen 0 0 0 ‑28 0 ‑28
Uit bedrijf genomen activa ‑166 ‑1 280 ‑421 ‑355 0 ‑2 222
Aanschafwaarde per 31 december 55 818 60 989 216 728 5 621 20 004 359 161

(*) De cum. afschrijvingen zijn inclusief bijzondere waardeverminderingen.

3. Financiële vaste activa

Het verloop van de financiële vaste activa is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Deelnemingen 20 758 19 844
Leningen 560 630
Totaal 21 318 20 474

Het verloop van de financiële activa in deelnemingen is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Saldo per 1 januari 19 844 16 189
Investeringen 3 000 3 000
Resultaat deelnemingen voorgaande jaren 0 ‑195
Resultaat deelnemingen ‑2 086 850
Saldo per 31 december 20 758 19 844

Bedragen x 1.000 euro

      2017   2016
Vennootschap Vestigingsplaats Belang (%) Bedrag Belang (%) Bedrag
           
North Water B.V. Groningen 50% 17 774 50% 16 672
WarmteStad B.V. Groningen 50% 2 325 50% 2 713
Waterlaboratorium Noord B.V. Haren 50% 588 50% 388
Futuro B.V. Voorburg 25% 5 25% 5
Aqua Minerals B.V. Rijswijk ZH 3% 18 3% 18
KWH Water B.V. Nieuwegein 3% 48 3% 48
           
Totaal     20 758   19 844

De deelneming North Water B.V. bestaat voor € 2.941 uit een ongerealiseerde winst in verband met de verkoop van activa SamenWater B.V. aan North Water B.V.

Het verloop van de financiële activa van de leningen is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  Saldo 1-1 Uitgeleend Aflossing/ kort lopend Saldo 31-12
Langlopende lening Waterlaboratorium Noord B.V. 630 0 ‑70 560

4. Voorraden

Deze voorraden betreffen materialen en gereedschappen voor installatie en onderhoud van de materiële vaste activa. In de post voorraden ten bedrage van € 880 (2016: € 919) is een voorziening voor incourantheid van € 66 (2016: € 64) opgenomen.

5. Vorderingen

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Waterdebiteuren 4 625 5 319
Overige debiteuren 3 279 5 229
Vorderingen op maatschappijen waarin wordt deelgenomen 1 914 1 121
Omzetbelasting 989 446
Overige vorderingen 390 344
Overlopende activa 493 792
Totaal 11 690 13 251

De vorderingen op waterdebiteuren betreft de reeds aan de klanten verstuurde afrekeningen, verrekend met de in rekening gebrachte voorschotten. Ten aanzien van de vorderingen op debiteuren is ultimo boekjaar een voorziening voor oninbaarheid van € 769 (2016: € 835) gevormd.

De vorderingen op maatschappijen waarin wordt deelgenomen hebben de volgende samenstelling:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
North Water B.V. 589 197
North Water Afvalwaterzuivering B.V. 75 48
WarmteStad B.V. 904 837
Warmtetransport Noordwest B.V. 88 0
Warmtenet Noordwest B.V. 150 0
NDEA B.V. 33 0
WKO Europapark B.V. 75 39
  1 914 1 121

6. Liquide middelen

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Kas 5 2
Bank 871 480
Totaal 876 482

Voor een toelichting op de beperkingen inzake de beschikbaarheid van geldmiddelen wordt verwezen naar de toelichting op de kortlopende schulden aan kredietinstellingen.

7. Eigen vermogen

De mutaties in het eigen vermogen worden onder punt 4 in de toelichting op de vennootschappelijke balans uiteengezet.

8. Bijdragen van derden

Bedragen x 1.000 euro

  Saldo 1-1 Ontvangsten Amortisatie Saldo 31-12
Bijdragen van derden 23 741 4 040 1 415 26 366

Hieronder worden begrepen de ontvangen bijdragen van derden in de aanleg van hoofd- en aansluitleidingen. Hiertegenover staat de verplichting, dat door de vennootschap de aansluiting in stand wordt gehouden. De jaarlijkse amortisatie wordt verantwoord onder de overige opbrengsten.

In 2017 is een schattingswijziging doorgevoerd bij de berekening van de jaarlijkse amortisatie. Vanaf 2017 komen de bijdragen van derden in hetzelfde tempo ten gunste van het resultaat als de afschrijvingslasten op de bijbehorende hoofd- en aansluitleidingen ten laste van het resultaat komen. Tot en met 2016 bedroeg de amortisatie 5% van het saldo per 1 januari. Onderdeel van de schattingswijziging is een inhaalslag qua amortisatie van bijdragen van derden uit de jaren vóór 2017. Door de schattingswijziging is er vanaf 2017 sprake van een snellere amortisatie: de amortisatie 2017 is volgens de gewijzigde methodiek € 227 hoger dan volgens de methodiek tot en met 2016.

9. Voorzieningen

Bedragen x 1.000 euro

  Saldo 1-1 Toevoeging / vrijval Onttrekking Saldo 31-12
Uitgestelde Beloningen Personeel 298 30 31 297
Voormalig Personeel/WW-fonds 426 ‑49 214 163
Bijzonder Onderhoud 6 254 1 755 2 359 5 650
Herstelkosten Meetinstrumentarium 182 ‑49 0 133
  7 160 1 687 2 604 6 243

De voorzieningen hebben een overwegend langlopend karakter.

De voorziening Uitgestelde Beloningen Personeel betreft de verplichtingen die voortvloeien uit de overgangsregeling inzake diensttijd gratificatie, zoals opgenomen in de CAO Waterbedrijven 2015-2017. De voorziening is gewaardeerd tegen contante waarde (op basis van een rekenrente van 1,4%). In de berekening is tevens rekening gehouden met toekomstige salarisstijgingen en tussentijdse uitstroom van personeelsleden.

De voorziening Voormalig Personeel/WW-fonds is opgenomen in verband met verplichtingen voortvloeiende uit het feit dat N.V. Waterbedrijf Groningen eigenrisicodrager is voor de Werkloosheidswet (WW). Deze verplichtingen betreffen mogelijke WW aanspraken en daarmee verband houdende bovenwettelijke aanvullingen. Deze voorziening is nominaal gewaardeerd. De werkelijke kosten in het verslagjaar worden aan de voorziening onttrokken.

De voorziening Bijzonder Onderhoud is ter dekking van kosten voortvloeiende uit toekomstig bijzonder onderhoud aan gebouwen, installaties en leidingwerk. Het meerjarig onderhoudsplan is de grondslag voor de voorziening, waarbij jaarlijks het onderhoudsplan wordt herzien en mogelijke effecten hiervan worden meegenomen in de aan te houden voorziening.

De voorziening Herstelkosten Meetinstrumentarium is gevormd ter dekking van de kosten voor het vroegtijdig vervangen van meetinstrumentarium, binnen de distributie-infrastructuur, welke niet voldoet aan de normaal te verwachten functionele specificaties. De voorziening is gebaseerd op een inschatting van het aantal te vervangen meetinstrumenten en daaraan toe te rekenen materiaal- en arbeidskosten. De voorziening is nominaal gewaardeerd.                                                

10. Langlopende schulden

De langlopende schulden hebben het volgende verloop:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Stand per 1 januari 42 500 45 000
Mutatie 17 500 ‑2 500
Stand per 31 december 60 000 42 500

De langlopende schulden betreft drie leningen verkregen van kredietinstellingen:

  • een lening van € 35.000 (2016: € 35.000) met een resterende looptijd van 11 jaar, met een rentepercentage van 4,92%;
  • een lening van € 7.500 (2016: € 10.000) met een resterende looptijd van 3 jaar met een variabel rentepercentage gebaseerd op 3 maands Euribor met een opslag van 0,15%. Voor deze lening is een tweetal in het basiscontract begrepen embedded derivaten afgesloten, waarvoor wordt verwezen naar de toelichting op de financiële instrumenten;
  • Een lening van € 20.000 (2016: € 0) met een resterende looptijd van 15 jaar, met een rentepercentage van 1,89%.

Behoudens de door kredietinstellingen vereiste solvabiliteit van 25% en een ICR van minimaal 1,0 zijn er geen andere specifieke voorwaarden overeengekomen of zekerheden gesteld. Een bedrag van € 43.333 heeft een resterende looptijd van meer dan 5 jaar (2016: € 27.222).

11. Kortlopende schulden aan kredietinstellingen

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Aflossingsverplichtingen op langlopende schulden 2 500 2 500
Bankkrediet 119 11 243
Totaal 2 619 13 743

N.V. Waterbedrijf Groningen heeft de mogelijkheid gebruik te maken van een tweetal rekeningcourant faciliteiten van in totaal € 15.223. Ten aanzien van deze faciliteiten zijn geen zekerheden gesteld. Het gebruik van deze faciliteiten (in samenhang met de beschikbaarheid van geldmiddelen) wordt beperkt door de verplichtingen voortvloeiende uit de ‘Regeling kasgeldleningen van werknemers aan het bedrijf van de werkgever’, zoals verantwoord onder de overige schulden.

12. Overige kortlopende schulden

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Crediteuren 6 786 6 846
Schulden aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen 316 407
Belastingen en sociale premies 874 906
Pensioenpremie 178 153
Grondwaterbelasting 0 2
Regeling kasgeldleningen van werknemers aan het bedrijf van de werkgever 3 081 2 872
Nog te betalen rente leningen kredietinstellingen 1 868 1 841
Overige schulden 2 785 2 908
Overlopende passiva inzake projecten 4 508 5 422
Vennootschapsbelasting 97 15
Verlofdagen personeel 4 567 4 155
Overlopende passiva 134 218
Totaal 25 194 25 745

De kortlopende schulden hebben een resterende looptijd korter dan een jaar.

De schulden aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen hebben de volgende samenstelling:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Waterlaboratorium Noord B.V. 224 251
Futuro B.V. 47 63
Aqua Minerals B.V. 45 93
  316 407

Niet in de balans opgenomen verplichtingen

De aan het einde van het verslagjaar aangegane inkoopverplichtingen bedragen € 2.516 (2016: € 3.839) en betreffen aangegane verplichtingen met derden voor operationele werkzaamheden (€ 343) en investeringswerken in uitvoering (€ 2.173), waarvan de verplichtingen in 2018 zullen worden afgewikkeld.

De aan het einde van het verslagjaar aangegane inkoopverplichting inzake de immateriële vaste activa betreft de aanschaf van een nieuw klantenadministratiesysteem. Dit project wordt in 2018 afgerond. Het project wordt gezamenlijk met WMD Drinkwater B.V. (WMD) uitgevoerd en 41,5% van de investering wordt door WMD gedragen. De inkoopverplichting die voor rekening van N.V. Waterbedrijf Groningen komt, bedraagt € 417 (2016: € 1.832). Na afronding worden over en weer gemaakte extra projectuitgaven besproken met de leverancier. Op dit moment is niet in te schatten of dit resulteert in een extra investeringsuitgave. Een eventuele extra uitgave wordt voor 41,5% door WMD gedragen.

Aan de Stichting Het Groninger Landschap is de toezegging gedaan om jaarlijks € 454 te betalen (tot en met 2028) ten behoeve van het op harmonische wijze laten samengaan van natuurontwikkeling en waterwinning.

Er bestaan huur- en leaseverplichtingen voor kantoorapparatuur ad € 50 over 2018 tot en met 2020. Hiervan heeft € 22 betrekking op 2018 en het restant op de jaren erna.

De CAO Waterbedrijven liep af per 30 juni 2017. De onderhandelingen over een nieuwe CAO zijn nog niet afgerond. Het is mogelijk dat een uiteindelijk nieuwe CAO zal leiden tot nabetalingen die ook betrekking hebben op 2017. Dat is echter niet zeker, ook is het niet mogelijk om de hoogte van deze eventuele nabetalingen te kwantificeren.

Financiële instrumenten

Het belangrijkste risico uit hoofde van de financiële instrumenten van N.V. Waterbedrijf Groningen is het prijsrisico, voornamelijk bestaande uit het rente/liquiditeitsrisico.

Het beleid van N.V. Waterbedrijf Groningen om deze risico’s te beperken, luidt als volgt:

Rente/liquiditeitsrisico
Een deel van de langlopende schulden aan kredietinstellingen kent een variabel rentepercentage waardoor N.V. Waterbedrijf Groningen het risico loopt dat toekomstige kasstromen verbonden aan monetaire financiële instrumenten variëren in omvang als gevolg van wijzigingen in de variabele rente. N.V. Waterbedrijf Groningen heeft dit risico afgedekt middels een tweetal (in een basiscontract) besloten rentederivaten, te weten:

  • Een rentecap van 5,40%, nauw verbonden aan de lening groot € 12.500;
  • Een rentefloor van 3,175% (met een renteminimum van 4,70%), nauw verbonden aan de lening groot € 12.500.

De reële waarde van het samengestelde financiële instrument (langlopende lening inclusief bovenstaande in het basiscontract besloten rentederivaten) bedraagt -/- € 7.870.

Gebeurtenissen na balansdatum

Gebeurtenissen na balansdatum (tot het moment van opmaken van de jaarrekening) die nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum zijn als zodanig verwerkt in de jaarrekening.

Er is geen sprake van gebeurtenissen na balansdatum die nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum en die belangrijke financiële gevolgen hebben voor N.V. Waterbedrijf Groningen.

Toelichting op de geconsolideerde winst- en verliesrekening

Alle bedragen in deze paragraaf luiden in duizenden euro’s, tenzij anders aangegeven.


13. Netto-omzet

De netto-omzet kan als volgt worden gespecificeerd:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Kleinverbruikers 31 153 30 945
Grootverbruikers 13 364 13 177
Zusterbedrijven 464 460
Tijdelijke leveringen 24 42
Warmtelevering 314 237
Totaal netto omzet 45 319 44 861

14. Baten uit bijdragen van derden

Dit betreft de amortisatie van de bijdragen van derden ten gunste van de exploitatie.

15. Overige bedrijfsopbrengsten

De overige bedrijfsopbrengsten kunnen als volgt worden gespecificeerd:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Vergoeding verrichte werkzaamheden voor derden 5 761 3 956
In rekening gebrachte kosten voor incasso, heraansluiting, enz. 1 155 1 331
Vastrecht brandkranen 773 763
Huren en pachten 272 370
Verkoop materialen 287 305
Overige opbrengsten 239 25
Totaal 8 487 6 750

16. Kosten uitbesteed werk

De kosten uitbesteed werk kunnen als volgt worden gespecificeerd:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Onderhoud 4 497 3 993
Laboratorium 2 415 2 223
ICT 2 739 2 824
Inning, marketing en communicatie 645 683
Onderzoek 327 322
Inhuur derden 3 600 2 499
Totaal 14 223 12 544

17. Salarissen en sociale lasten

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Salarissen (inclusief vakantie- en eindejaarsuitkering) 12 243 11 937
Sociale lasten 1 482 1 433
Premie pensioenfonds 1 597 1 369
Overige personeelskosten 792 986
Totaal salarissen en sociale lasten 16 114 15 725
Waarvan geactiveerd onder materiële vaste activa ‑1 478 ‑1 197
Ten laste van de exploitatie 14 636 14 528

Pensioenen

De pensioenregeling van N.V. Waterbedrijf Groningen en haar groepsmaatschappijen is ondergebracht bij Stichting Pensioenfonds ABP. Het betreft een collectieve regeling waarbij meerdere werkgevers zijn aangesloten en is in wezen een toegezegd-pensioen-regeling, waarbij de pensioenuitkering gebaseerd is op de lengte van het dienstverband en het gemiddeld salaris van de werknemer gedurende dit dienstverband.

Per deelnemende onderneming is geen informatie beschikbaar inzake het saldo van de met de regeling samenhangende activa en passiva. Daarom wordt de regeling behandeld als toegezegde-bijdragenregeling en worden de verschuldigde pensioenpremies over het boekjaar als pensioenlasten in het resultaat verantwoord.

De belangrijkste kenmerken van deze pensioenregeling zijn:

  • Het betreft een middelloonregeling;
  • Het bestuur van het pensioenfonds stelt jaarlijks de premie vast op basis van de dekkingsgraad en het verwachte rendement.

De belangrijkste kenmerken van de uitvoeringsovereenkomst zijn:

  • Deelneming in het bedrijfstakpensioenfonds is verplicht gesteld voor de werknemers en directie van N.V. Waterbedrijf Groningen en haar groepsmaatschappijen;
  • N.V. Waterbedrijf Groningen en haar groepsmaatschappijen zijn verplicht tot betaling van de vastgestelde premies en kunnen, op basis van ontwikkelingen van de dekkingsgraad, verplicht worden gesteld tot bijstorting.

De beleidsdekkingsgraad van het bedrijfstakpensioenfonds bedraagt per 31 december 2017 104,4%. Omdat deze dekkingsgraad lager is dan de door het fonds gestelde  norm van 128% en het wettelijk niet langer dan 5 jaar is toegestaan een beleidsdekkingsgraad, lager dan 104,2 % te hebben, moet het pensioenfonds mogelijk een nieuw herstelplan bij De Nederlandsche Bank (DNB) indienen. De gevolgen van een mogelijk nieuw herstelplan zijn op dit moment nog niet bekend.

Aantal personeelsleden (ultimo boekjaar)

    2017   2016
  Aantal FTE Aantal FTE
Directie & Staf 26 23,4 27 24,4
Finance & Control 17 15,5 20 18,5
Klant & Markt 47 42,6 45 40,9
Ingenieursbureau 30 29,1 30 29,1
Watervoorziening 98 95,8 89 87,0
Services en Informatievoorziening 17 14,5 17 14,1
Totaal 235 220,9 228 214,0

18. Belastingen, heffingen en verzekeringen

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Grondwaterbelasting 526 525
Overige belastingen, heffingen en verzekeringen 450 446
Totaal 976 971

19. Overige bedrijfskosten

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Kosten facilitaire dienstverlening 1 068 1 029
Vervoer en wagenparkbeheer 645 649
Kantoormiddelen 99 103
Contributies 23 28
Bijdragen samenwerkingsverbanden 1 439 1 474
Diverse kosten, inclusief dotatie voorzieningen 2 297 2 298
Totaal 5 571 5 581

De ten laste van het boekjaar gebrachte kosten van de externe accountant en de accountantsorganisatie en het gehele netwerk waartoe deze accountantsorganisatie behoort, zijn als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Controle jaarrekening 77 48
Andere niet-controlediensten 1 11
Totaal 78 59

20. Rentelasten en -baten

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Rente langlopende leningen ‑2 209 ‑2 196
Overige rentelasten ‑24 ‑61
Rentebaten 42 40
Totaal ‑2 191 ‑2 217

21. Resultaat deelnemingen

De samenstelling van het resultaat deelnemingen is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
North Water B.V. 1 102 817
WarmteStad B.V. ‑3 388 ‑94
Waterlaboratorium Noord B.V. 200 127
Totaal ‑2 086 850

Het resultaat deelneming North Water B.V. bestaat uit het aandeel in de winst van 50% van North Water B.V. ter grootte van € 775 (2016: € 490) en de vrijval van € 327 in 2017 (2016: € 327) van de ongerealiseerde winst op de verkoop van de industriewateractiviteiten aan SamenWater B.V.

Het negatieve resultaat deelneming WarmteStad B.V. is het gevolg van het binnen het project Noordwest wegvallen van geothermie als beoogde warmtebron voor de levering van warmte. Er zal op een andere wijze voorzien worden in de productie van warmte. De aan geothermie bestede onderzoeksactiviteiten hebben derhalve geen waarde meer. Dit heeft in 2017 geleid tot een desinvestering.

22. Beloning topfunctionarissen

Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op NV Waterbedrijf Groningen van toepassing zijnde regelgeving:

  • Wet normering topinkomens;
  • Uitvoeringsbesluit WNT (inclusief de normering voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking);
  • Uitvoeringsregeling WNT;
  • Controleprotocol WNT (voor verantwoordingen over 2017);
  • Beleidsregels WNT 2017.

Het bezoldigingsmaximum in 2017 voor NV Waterbedrijf Groningen is € 181.000. Dit geldt naar rato en/of omvang van het dienstverband. Voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking geldt met ingang van 1 januari 2017 voor de eerste 12 kalendermaanden een afwijkende normering, zowel voor de duur van de opdracht als voor het uurtarief.

Tabel WNT (1 van 3)

Bedragen in hele euro's

Tabel WNT (1 van 3)
  R.A.M. Zwart A. Meijerman P.H.R. Brouns
Functiegegevens Directeur Voorzitter RvC Voorzitter RvC
Aanvang en einde functievervulling in 2017 1-1 - 31-12 1-1 - 31-12 -
Omvang dienstverband (in fte) 1 - -
Gewezen topfunctionaris? nee nee -
(Fictieve) dienstbetrekking? ja nee -
       
       
Bezoldiging      
Individueel WNT-maximum 181 000 27 150 -
       
Beloning 163 147 9 857 -
Beloningen betaalbaar op termijn 17 746 - -
       
-/- Onverschuldigd betaald bedrag - - -
Totale bezoldiging 2017 180 893 9 857 -
       
       
Gegevens 2016      
Aanvang en einde functievervulling in 2016 1-1 - 31-12 1-1 - 31-12 1-1 - 23-11
Omvang dienstverband (in fte) 1 - -
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen 159 547 6 500 -
Beloningen betaalbaar op termijn 15 390 - -
Totale bezoldiging 2016 174 937 6 500 -

Tabel WNT (2 van 3)

Bedragen in hele euro's

Tabel WNT (2 van 3)
  T.H. Haseloop-Amsing H.M. Geerts I. Noordhoff
Functiegegevens Secretaris RvC Secretaris RvC Lid RvC
Aanvang en einde functievervulling in 2017 1-1 - 31-12 - 1-1 - 31-12
Omvang dienstverband (in fte) - - -
Gewezen topfunctionaris? nee - nee
(Fictieve) dienstbetrekking? nee - nee
       
       
Bezoldiging      
Individueel WNT-maximum 18 100 - 18 100
       
Beloning 6 857 - 6 857
Beloningen betaalbaar op termijn - - -
       
-/- Onverschuldigd betaald bedrag - - -
Totale bezoldiging 2017 6 857 - 6 857
       
       
Gegevens 2016      
Aanvang en einde functievervulling in 2016 1-1 - 31-12 1-1 - 23-11 1-1 - 31-12
Omvang dienstverband (in fte) - - -
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen 6 500 - 6 500
Beloningen betaalbaar op termijn - - -
Totale bezoldiging 2016 6 500 - 6 500

Tabel WNT (3 van 3)

Bedragen in hele euro's

Tabel WNT (3 van 3)
  P.H. Pellenbarg N.D. Smit H.A. Snapper
Functiegegevens Lid RvC Lid RvC Lid RvC
Aanvang en einde functievervulling in 2017 1-1 - 31-12 29-6 - 31-12 1-1 - 31-12
Omvang dienstverband (in fte) - - -
Gewezen topfunctionaris? nee nee nee
(Fictieve) dienstbetrekking? nee nee nee
       
       
Bezoldiging      
Individueel WNT-maximum 18 100 9 224 18 100
       
Beloning 6 857 3 432 6 857
Beloningen betaalbaar op termijn - - -
       
-/- Onverschuldigd betaald bedrag - - -
Totale bezoldiging 2017 6 857 3 432 6 857
       
       
Gegevens 2016      
Aanvang en einde functievervulling in 2016 1-1 - 31-12 - 1-1 - 31-12
Omvang dienstverband (in fte) - - -
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen 6 500 - 6 500
Beloningen betaalbaar op termijn - - -
Totale bezoldiging 2016 6 500 - 6 500

In de jaarrekening 2017 is in de WNT-verantwoording over 2016 een aanpassing met betrekking tot de bezoldiging van R.A.M. Zwart verwerkt. De aankoop van verlofuren ad € 3.972 (bedrag in euro’s) is in 2016 onterecht niet opgenomen in de WNT verantwoording 2016. Dit bedrag is in de vergelijkende cijfers aangepast. De aanpassing resulteert in een lagere bezoldiging en overstijgt hiermee niet het WNT maximum over het boekjaar 2016.

Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking
In 2017 is geen sprake geweest van uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking.

Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT
Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met dienstbetrekking die in 2017 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen. Er zijn in 2017 geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.

Vennootschappelijke balans per 31 december 2017 (voor winstbestemming)

Bedragen x 1.000 euro

ACTIVA   31-12-2017   31-12-2016
Vaste activa        
Immateriële vaste activa 1 871   571  
Materiële vaste activa (1) 156 449   147 720  
Financiële vaste activa (2) 21 068   20 327  
    179 388   168 618
         
Vlottende activa        
Voorraden 880   920  
Vorderingen (3) 12 804   14 349  
Liquide middelen 819   279  
    14 503   15 548
         
Totaal Activa   193 891   184 166

PASSIVA   31-12-2017   31-12-2016
Eigen vermogen (4)        
Gestort en opgevraagd aandelenkapitaal 141   141  
Agio 6 305   6 305  
Overige reserves 64 918   61 102  
Onverdeeld resultaat 2 145   3 816  
    73 509   71 364
         
Bijdragen van derden   26 366   23 741
Voorzieningen   6 243   7 160
Langlopende leningen   60 000   42 500
         
Kortlopende schulden        
Schulden aan kredietinstellingen 2 619   13 743  
Overige kortlopende schulden (5) 25 154   25 658  
    27 773   39 401
         
Totaal Passiva   193 891   184 166

Vennootschappelijke winst- en verliesrekening over 2017

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening 6 592 5 230
Rentelasten en -baten ‑2 161 ‑2 188
Resultaat uit deelnemingen (6) ‑2 189 789
Winstbelasting ‑97 ‑15
Nettowinst 2 145 3 816

Grondslagen van waardering en resultaatbepaling in de vennootschappelijke jaarrekening

De vennootschap heeft de enkelvoudige jaarrekening opgesteld volgens de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 Burgerlijk Wetboek. De jaarrekening is opgemaakt op 11 juni 2018.

Voor de grondslagen voor de waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat, wordt verwezen naar de grondslagen van waardering en resultaatbepaling in de geconsolideerde jaarrekening, voor zover hierna niet anders wordt vermeld.

Met betrekking tot de Winst & Verliesrekening van N.V. Waterbedrijf Groningen is artikel 402, titel 9 BW2 toegepast op grond waarvan een vereenvoudigd model is opgenomen.

Vergelijkende cijfers

Teneinde het inzicht in de totstandkoming van het resultaat te vergroten zijn posten, verantwoord in de winst-en-verliesrekening, waar nodig geherrubriceerd. Vergelijkende cijfers zijn dienovereenkomstig aangepast.

Toelichting op de vennootschappelijke balans

Alle bedragen in deze paragraaf luiden in duizenden euro’s, tenzij anders aangegeven.


De financiële gegevens van N.V. Waterbedrijf Groningen zijn verwerkt in haar geconsolideerde jaarrekening. De vennootschappelijke balans wordt toegelicht voor zover sprake is van significante afwijkingen ten opzichte van de geconsolideerde balans.

1. Materiële vaste activa

De economische levensduur in jaren voor de belangrijkste categorieën zijn als volgt vastgesteld; bedrijfsgebouwen en hoofdleidingen 30 jaar; waterwinputten, aansluitleidingen, machines en installaties 20 jaar; telecommunicatie 15 jaar en overige 5 - 10 jaar. Op terreinen wordt niet afgeschreven. De terreinen in de waterwingebieden aangeschaft voor 1997 zijn vermeld onder “Bedrijfsgebouwen en terreinen” en worden gewaardeerd tegen lagere bedrijfswaarde.

De samenstelling en het verloop van de materiële vaste activa in het verslagjaar, onderverdeeld naar categorie, is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  Bedrijfs- gebouwen, en terreinen Installaties productie Distributie- leidingen, installaties Overige duurzame activa Werken in uitvoering Totaal
             
Boekwaarde per 1 januari 29 438 30 483 69 961 2 216 15 622 147 720
Investeringen 43 4 159 8 855 682 4 327 18 066
Desinvesteringen 0 0 0 ‑28 0 ‑28
Afschrijvingen 1 393 2 448 4 882 664 0 9 387
Bijzondere waardeverminderingen ‑78 0 0 0 0 ‑78
Boekwaarde per 31 december 28 166 32 194 73 934 2 206 19 949 156 449
             
Cum. afschrijvingen 1 januari (*) 26 689 26 963 137 924 3 105 0 194 681
Afschrijvingen 1 393 2 448 4 882 664 0 9 387
Bijzondere waardeverminderingen ‑78 0 0 0 0 ‑78
Uit bedrijf genomen activa ‑166 ‑1 280 ‑421 ‑355 0 ‑2 222
Cum. afschrijvingen 31 december 27 838 28 131 142 385 3 414 0 201 768
             
Aanschafwaarde per 1 januari 56 127 57 446 207 885 5 321 15 622 342 401
Investeringen 43 4 159 8 855 682 4 327 18 066
Desinvesteringen 0 0 0 ‑28 0 ‑28
Uit bedrijf genomen activa ‑166 ‑1 280 ‑421 ‑355 0 ‑2 222
Aanschafwaarde per 31 december 56 004 60 325 216 319 5 620 19 949 358 217

(*) De cum. afschrijvingen zijn inclusief bijzondere waardeverminderingen.

2. Financiële vaste activa

Het verloop van financiële activa is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Deelnemingen 20 508 19 697
Leningen 560 630
Totaal 21 068 20 327

Het verloop van de financiële activa van de deelnemingen is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

Vennootschap Belang (%) Saldo 1-1 Aankoop / Uitbreiding Verkoop Resultaat 2017 Saldo 31-12
             
SamenWater B.V. 100% 16 610 0 0 1 097 17 707
Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. 100% 2 628 3 000 0 ‑3 486 2 142
Waterlaboratorium Noord B.V 50% 388 0 0 200 588
Futuro B.V. 25% 5 0 0 0 5
Aqua Minerals B.V. 3% 18 0 0 0 18
KWH Water B.V. 3% 48 0 0 0 48
Totaal   19 697 3 000 0 ‑2 189 20 508

Het verloop van de financiële activa van de leningen is als volgt:

Bedragen x 1.000 euro

  Saldo 1-1 Uitgeleend Aflossing/ kort lopend Saldo 31-12
Langlopende lening Waterlaboratorium Noord B.V. 630 0 ‑70 560

3. Vorderingen

Deze post is als volgt te specificeren:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Vorderingen op groepsmaatschappijen 1 158 1 102
Vorderingen op maatschappijen waarin wordt deelgenomen 1 914 1 121
Omzetbelasting 980 446
Debiteuren en overige vorderingen 8 752 11 680
Totaal 12 804 14 349

4. Eigen vermogen

Het verloop van het eigen vermogen ziet er als volgt uit:

Bedragen x 1.000 euro

  Gestort en opgevraagd kapitaal Agio Overige reserves Onverdeeld resultaat Totaal
Stand per 1 januari 141 6 305 61 102 3 816 71 364
Uitgifte van aandelen 0 0 0 0 0
Winstbestemming 0 0 3 816 ‑3 816 0
Resultaat boekjaar 0 0 0 2 145 2 145
Stand per 31 december 141 6 305 64 918 2 145 73 509

Het maatschappelijk aandelenkapitaal bedraagt € 250, verdeeld in 500 aandelen van € 500 (in hele euro’s) nominaal per aandeel. Het geplaatst en gestort kapitaal bedraagt € 141. Zie voor de verdeling van de geplaatste aandelen over de aandeelhouders het overzicht “Aandelen, hoofdleidingen en aansluitingen” in het verslag.

Het agio betreft de waarde die boven het nominale bedrag van de aandelen door aandeelhouders is ingebracht in de vennootschap.

Het resultaat over 2016 ten bedrage van € 3.816 is aan de reserves toegevoegd.

Aan de Raad van Commissarissen wordt voorgesteld het positieve saldo van de winst- en verliesrekening van 2017 ten bedrage van € 2.145 ten gunste van de reserves te brengen. Dit voorstel is nog niet in de balans verwerkt.

5. Overige kortlopende schulden

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
Crediteuren 6 757 6 780
Schulden aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen 316 407
Belastingen en sociale premies 874 884
Pensioenpremie 178 153
Grondwaterbelasting 0 2
Regeling kasgeldleningen van werknemers aan het bedrijf van de werkgever 3 081 2 872
Nog te betalen rente leningen kredietinstellingen 1 868 1 841
Overige schulden 2 780 2 908
Overlopende passiva inzake projecten 4 508 5 422
Verlofdagen personeel 4 567 4 155
Vennootschapsbelasting 97 15
Overlopende passiva 128 219
Totaal 25 154 25 658

De kortlopende schulden hebben een resterende looptijd korter dan een jaar.

Toelichting op de vennootschappelijke winst- en verliesrekening

Alle bedragen in deze paragraaf luiden in duizenden euro’s, tenzij anders aangegeven.


6. Resultaat uit deelnemingen

Het aandeel in de resultaten van op netto vermogenswaarde gewaardeerde deelnemingen kan als volgt worden gespecificeerd:

Bedragen x 1.000 euro

  2017 2016
SamenWater B.V. 1 097 812
Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. ‑3 486 ‑150
Waterlaboratorium Noord B.V. 200 129
WKC Holding B.V. 0 ‑2
Totaal ‑2 189 789

Het resultaat SamenWater B.V. bestaat uit een aandeel in de winst van SamenWater B.V. ter grootte van € 770 en de vrijval van € 327 in 2017 van de ongerealiseerde winst op de verkoop van industriewateractiviteiten.

Overige gegevens

Statutaire winstverdeling

Samenvatting (artikel 31)
Jaarlijks wordt door de Raad van Commissarissen vastgesteld welk deel van de winst wordt gereserveerd. Uit de na toepassing van de vorenstaande resterende winst wordt zo mogelijk aan de aandeelhouders uitgekeerd een percentage van het nominale bedrag hunner aandelen, gelijk aan het per de laatste dag van het verstreken boekjaar geldende effectief rendement van staatsleningen met een looptijd van tien jaren.

Het hierna resterende gedeelte van de winst is ter beschikking van de vergadering van aandeel­houders, met dien verstande dat reservering plaatsvindt tenzij anders wordt besloten.

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Deze is opgenomen in de 'printbare versie' van dit jaarverslag en vindt u in het rechtermenu (blauwe balk).

Aandelen, hoofdleidingen en aansluitingen

per gemeente op 31 december

  Aantal aandelen Aantal klanten Hoofdleiding (in km) Diameter > 50 mm
       
GEMEENTE      
Appingedam 6 6 093 82
Bedum 5 4 752 111
Bellingwedde 4 4 327 147
De Marne 6 5 336 178
Delfzijl 13 12 134 265
Eemsmond 7 7 828 232
Groningen 80 101 319 859
Grootegast 5 5 148 138
Haren 8 9 145 191
Hoogezand/Sappemeer 14 16 638 258
Leek 8 9 204 196
Loppersum 6 4 667 159
Marum 5 4 501 142
Menterwolde 6 5 686 127
Oldambt 18 18 842 384
Pekela 6 5 837 113
Slochteren 7 7 027 183
Stadskanaal 14 15 546 300
Ten Boer 3 3 154 75
Tynaarlo (gedeeltelijk) - 5 747 101
Veendam 12 13 097 226
Vlagtwedde 7 7 497 248
Winsum 6 6 235 157
Zuidhorn 8 8 453 226
Provincie 28 0 0
       
Totaal 282 288 213 5 098
Aansluitingen voor percelen buiten ons voorzieningsgebied   107 17
Totaal   288 320 5 115
AF: klanten zonder actieve aansluiting   ‑3 384  
Totaal actieve aansluitingen   284 936